Voor mijn nieuwe rubriek “uit de provincie” is Limburgs konijn in het zuur het eerste streekgerecht dat ik ga maken. Ik kom niet uit Limburg maar vroeger aten wij op Kerstavond altijd konijn dat bereid was in azijn. Dat was altijd superlekker. Ik heb het daarna nooit meer op die manier gegeten. Wel gestoofd in (kriek)bier en met gedroogde pruimen, maar dat is Belgisch volgens mij. Ook heerlijk en dat recept volgt ook nog. Maar nu eerst Limburgs konijn in het zuur. Naar horen zeggen een traditioneel Limburgs recept.

Limburgs-konijn

Nodig voor Limburgs konijn in het zuur

4 personen – voorbereiding 24 uur –  bereiding 2 uur

  • 4 konijnenbouten
  • 1/2 liter azijn
  • 1/2 liter water
  • 2 laurierbladeren
  • 2 uien
  • 2 kruidnagels
  • 50 gram basterdsuiker
  • 200 gram Rinse appelstroop
  • eventeel de Wildbonbon van slager Ad Wilde

Zo maak je Limburgs konijn in het zuur

  • Maak de ui schoon en snijd in ringen
  • Meng azijn met het water, de uien, kruidnagels en laurierblaadjes
  • Leg de konijnenbouten er in en laat 24 uur marineren in de koelkast
  • Gooi de marinade niet weg want deze wordt straks gebruikt voor de saus.
  • Droog de bouten af, bestrooi met zout en peper en bak ze goudbruin in boter
  • Strooi de basterdsuiker erover en laat karamelliseren.
  • Schenk de marinade op de konijnenbouten en voeg de appelstroop toe (en eventueel de Wildbonbon)
  • Laat alles 2 uur op een zacht vuur garen.
  • Als de bouten gaar zijn haal ze dan uit de pan en houd ze in een oven warm
  • Zeef nu de saus en laat inkoken tot een mooie dikte.
  • Voeg voor de smaak en de glans een beetje roomboter toe.

Lekker met spitskool of rode kool en romige aardappelpuree

Bron: Navenant magazine