Pasta carbonara is met spekjes of pancetta. Eet je geen varkensvlees dan eet je ook geen pasta carbonara. Tenminste als je geen goede vervanger voor spekjes hebt, dan natuurlijk wel. Aangezien in huize Angeli Kookt geen varkensvlees gegeten wordt gebruik ik regelmatig als vervanger van spekjes in gerechten gewoon blokjes rookvlees. Ook daar komt een zoutsmaak vanaf, het is alleen minder vet. Ik laat mijn slager altijd een dikke plak snijden. Thuis snijd ik er blokjes van en gebruik het gelijk in een gerecht wat ik nodig heb en de rest gaat de vriezer in. Ik weet niet of je het dan nog officieel pasta carbonara mag noemen maar vooruit. Tis ook lekker.

Aangezien ik toch pasta carbonara wil eten, gebruik ik de rookvleesblokjes. Nu is het de vraag, gaat er nu wel of geen room in de pasta carbonara? Je komt allerlei recepten tegen maar ik gebruik het wel. Samen met ei en Parmezaanse kaas. Pecorino kan ook trouwens.

Pasta carbonara met rookvleekblokjes

Nodig voor pasta carbonara

2 personen – bereidingstijd 15 minuten

  • 200 gram pasta
  • 100 gram rookvlees in blokjes
  • 1 eetlepel olijfolie
  • 1 teentje knoflook
  • zout
  • 75 ml slaroom of kookroom
  • 2 eieren
  • Handje Parmezaanse kaas of Pecorino
  • Zwarte peper

Zo maak je pasta carbonara

  • Zet een pan ruim water met zout op en als het kookt voeg dan de pasta toe. Kook beetgaar, al dente
  • Bak in een koekenpan de blokjes rookvlees  met de hele teen knoflook in de olijfolie
  • Voeg de room toe en laat zo’n 5 minuten op een zacht vuur inkoken
  • Haal de knoflookteen eruit
  • Klop in een kom de 2 eieren samen met de helft van de kaas met een vork los
  • Giet de pasta af en schep door het rookvlees/roommengsel
  • Haal van het vuur en schenk het ei/kaasmengsel door de pasta. Roer goed!
  • Laat met een deksel op de pan een paar minuten staan om het ei te laten stollen
  • Serveer met versgemalen zwarte peper en de rest van de Parmezaanse kaas of Pecorino