Dit keer gaan we voor de rubriek Uit de provincie naar Friesland. Vroeger tijdens onze vakanties op Terschelling vond ik het heerlijk om dat zoete brood te eten. Te kleverig om om vast te pakken maar oh zo lekker. Het is net als met een Limburgse Vlaai, een Zeeuwse bolus of een Bossche Bol, die zijn lokaal in de provincie gewoon het lekkerst. Toch ga ik proberen het Friese Suikerbrood te maken.

Suikerbrood

Nodig voor Fries Suikerbrood

  • 500 g bloem
  • 25 g verse gist of 1 zakje gedroogde gist
  • 1 theelepel kaneel
  • 3 eetlepels gembersiroop
  • 200 ml melk, lauwwarm
  • 200-250 g kandij of suikerklontjes, fijngeslagen
  • 25 g boter
  • 3-4 eetlepels kristalsuiker

Zo maak je suikerbrood

  • Meng de gist door de bloem
  • Voeg zout en kaneel toe
  • Schenk de gembersiroop en de melk bij de bloem
  • Meng alles tot een zacht deeg en laat 15 minuten staan
  • Kneed het deeg ongeveer 10 minuten tot het elastisch is
  • Vorm het deeg tot een bal en laat in een ingevette kom afgedekt met plastic folie of een natte theedoek rijzen tot het volume is verdubbeld
  • Druk het deeg tot een platte dikke lap en verdeel er de suikerklontjes over
  • Rol het deeg op en kneed de suiker er goed doot
  • Leg het deeg in een vorm die je vooraf hebt ingevet met boter en bestrooid met kristalsuiker
  • Laat het deeg nogmaals rijzen tot dubbel volume
  • Verwarm de oven op 200º C
  • Bestrijk de bovenkant van het brood met gesmolten boter en bak het brood 25-30 minuten
  • Als het brood uit de oven komt moet je het meteen uit de vorm halen en op een plank met bakpapier of een rooster af laten koelen

Achteraf gezien had ik er nog wat meer suikerklontjes in moeten doen. Doe ik de volgende keer!